ORGELS IN DE GOUDSE SINT JAN

Moreau-orgel

In 1732 werd besloten om een nieuw orgel te laten bouwen, omdat het oude Niehoff-orgel in slechte staat was. De keuze viel op de orgelbouwer Jacob François Moreau, die voor het destijds uitzonderlijk hoge bedrag van 47.652 guldens, 19 stuivers en 8 penningen, een orgel bouwde met 52 registers, verdeeld over 3 klavieren en pedaal.

De orgelbouwer
Jacob François Moreau (1684-1751) werd geboren in Vlaanderen, maar vestigde zich vanaf zijn dertigste in Rotterdam. Moreau bouwde voornamelijk kleine orgels en verrichtte restauratiewerkzaamheden. Na de oplevering van het orgel in Gouda in 1736 (zijn grootste orgel) bouwde hij nog een aantal kleinere orgels in ons land. Zijn zoon, Johannes Jacobus volgde hem op als orgelbouwer en verrichtte ook enkele restauraties aan het Sint Jansorgel.

De orgelkas
Opvallend is het in zuidelijke stijl gebouwde orgelfront, waarbij de indeling van hoofdwerk, bovenwerk en pedaal in de architectuur van de hoofdkas niet zichtbaar is. Er bevinden zich dan ook geen kleine pijpvelden in het front, alleen de grote 16 voets pijpen van de hoofdwerkprestant. Opvallend zijn ook de overhoekse zijtorens waarachter zich het pedaal pijpwerk bevindt.
Het basis ontwerp is van de Haagse architect Henrik Carré jr. Eerder had hij een schets gemaakt waarin wel kleine pijpvelden aanwezig waren, maar dat ontwerp gebruikte Moreau niet.
De onderkas (het rugwerk) is een afspiegeling van de hoofdkas.
Het beeldhouwwerk, het snijwerk en het stucwerk onder het rugpositief werden vervaardigd door de Goudse beeldsnijder Dirk van der Wacht.

Het orgel
Het orgel werd gebouwd tussen 1732 en 1736. De ingebruikname vond plaats op 13 mei 1736.
Sindsdien hebben vele orgelbouwers aan het Moreau-orgel gewerkt, zoals o.a. Hermanuss Hess (broer van de toenmalige organist en beiaardier van de St.-Jan, Joachim Hess), F.G. Heyneman, J. Mitterreither, N.A. Lohman (aan wie de huidige fraaie speeltafel is te danken), C.G.F. en J.F. Witte (van wie de huidige tongwerken zijn) en Fa. J. de Koff (die het Bovenwerk in een zwelkast plaatste).
In de periode 1959-1960 werd het orgel door de Fa. D.A. Flentrop gerestaureerd en van 1976-1981 door Orgelbouw Ernst Leeflang.
Momenteel is het orgel in onderhoud bij Orgelmakerij Gebr. Reil BV. Van 2012 tot 2016 is er een omvangrijke restauratie geweest van het pijpwerk in het Moreau orgel. Deze restauratie bestond uit twee fases.
Begin 2012 is de winddruk in het kader van groot onderhoud terug gebracht naar de oorspronkelijk hogere druk van ca. 97 mm. De intonatie is aan deze nieuwe winddruk aangepast. De draag- en zeggingskracht zijn na deze ingrepen aanmerkelijk toegenomen. Het betrof hier de labiaal pijpen.
De tweede fase bestond uit restauratie aan de tongwerken en werd ook de werking van de zwelkast verbeterd.

Op de frontpijpen en de tongwerken na is er tamelijk veel pijpwerk van Moreau bewaard gebleven. Ook de huidige dispositie wijkt niet wezenlijk af van de oorspronkelijke, hoewel er natuurlijk ook tussentijds een aantal registers werden aangepast aan de smaak van die tijd.
Ondanks het feit dat vele orgelbouwers hun sporen in het Moreau-orgel hebben achtergelaten, heeft dit fraaie instrument zijn elegante, barokke, enigszins zuidelijke karakter behouden. Ook de ingrepen die in de 19e en 20e eeuw hebben plaatsgevonden, hebben het karakter niet aangetast maar eerder verrijkt, zodat ook nu een groot gedeelte van romantische en hedendaagse orgelmuziek goed uit te voeren is.

Dispositie Moreau-orgel
Rugwerk (C-d’’’)
Hoofdwerk (C-d’’’)
Bovenwerk (C-d’’’)
Pedaal (C-e’)
Koppels
Bourdon 16’
Prestant 16’
Prestant 8’
Prestant 16’
Hoofdwerk – Bovenwerk
Prestant 8’
Prestant 8’
Echo Holpijp 8’
Subbas 16’
Hoofdwerk – Rugwerk
Holpijp 8’
Holpijp 8’
Quintadena 8’
Prestant 8’
Rugwerk – Hoofdwerk
Fluit Travers 8’
Quint 6’
Viola di Gamba 8’
Wijdgedekt 8’
Pedaal – Hoofdwerk
Octaaf 4’
Octaaf 4’
Salicionaal 8’
Octaaf 4’
Pedaal – Rugwerk
Gedekte fluit 4’
Open Fluit 4’
Octaaf 4’
Holfluit 2’
Quint 3’
Super Octaaf 2’
Echo Fluit 4’
Mixtuur 6 st.
Octaaf 2’
Tertiaan 2 st.
Nasard 3’
Bazuin 16’
Woudfluit 2’
Cornet 5 st. disc.
Nachthoorn 2’
Trompet 8’
Sexquialter 2 st. bas/disc.
Mixtuur 5-6 st.
Flageolet 1’
Clairon 4’
Cornet 6 st. disc.
Trompet 16’
Sexquialter 3 st.
Cornet 2’
Mixtuur 6 st.
Trompet 8’
Mixtuur 4 st.
Scherp 6 st.
Schalmei 4’
Echo Trompet 8’
Trompet 8’
Vox Humana 8’
Dulciaan 8’
Tremulant
Tremulant
Uit ‘Premier Livere d’orgue –Grand Dialogue’  –  JACQUES BOYVIN (1649-1706)

De Goudse organist Christaan Ingelse vult twee cd’s met muziek uit diverse stijlperioden.


Boyvin, Bach, Krebs, Franck, Brahms, Sweelinck, Mozart, Daquin, Böhm en Bruhns zijn de componisten die op vier orgels ten gehore worden gebracht. Daarnaast heeft Ingelse vijf orgelwerken van hemzelf opgenomen, vier koraalvoorspelen en zijn Passacaglia. Het booklet geeft informatie over de organist, de orgels en de gespeelde werken, en ook de registraties van de gespeelde werken.

Christiaan Ingelse bespeelt de vier orgels van de Goudse St. Janskerk; Stichting Goudse Sint-Jan; dubbel cd, VDG 20161025; € 15,00
Te bestellen via 
info@sintjan.com of in de museumwinkel van de Sint Jan.

Christiaan Ingelse is stadsorganist van Gouda. De organist van de Goudse Sint Jan is door burgemeester en wethouders van de Zuid-Hollandse stad per 1 juli 2017 in deze erefunctie benoemd.

Ingelse werd door de gemeente Gouda gevraagd de functie van stadsorganist te vervullen en heeft daar direct mee ingestemd. Met de benoeming van een stadsorganist wil de stad het belang van de Nederlandse en Goudse orgelcultuur onderstrepen. Ingelse blijft stadsorganist zolang hij in dienst is als organist van de Sint Janskerk. Als hij daar afzwaait, zal zijn opvolger de functie van stadsorganist overnemen.

Christiaan Ingelse (Haarlem, 1948) is sinds 1988 organist van de Grote of Sint Janskerk te Gouda en daarmee vaste bespeler van onder meer het grote Moreau-orgel in deze belangrijke stadskerk.

Leeflang koororgel

Omdat in het koor nog een orgel ontbrak, nam het Gouds Orgelcomité het initiatief om gelden bijeen te brengen voor een nieuw koororgel. Het werd gebouwd in 1974-1975 door Orgelbouw Ernst Leeflang uit Apeldoorn.

De orgelbouwer
Ernst Leeflang richtte in 1952 zijn bedrijf op onder de naam “Orgelbouw Ernst Leeflang”. Toen zijn schoonzoon, Jan Keijzer, bij hem in dienst trad, nam hij de technische aspecten voor zijn rekening. Zijn broer, Johan Keijzer werd intonateur. De andere broer, Arie Keijzer, (de bekende organist van Dordrecht en “de Doelen”) was vaak adviseur.

Vanaf 1961 bouwde Leeflang Orgelbouw uitsluitend mechanische orgels.

Drie jaar na het overlijden van Ernst Leeflang, werd het bedrijf overgenomen in 1997 door Reil orgelbouw.

Het koororgel
Dit koororgel werd gebouwd in nadagen van de Neo Barokke orgelbouwstijl.

Aan de ene kant is de klank krachtig, helder en enigszins scherp. Aan de andere kant is ook hoorbaar dat er in die tijd een nieuwe “orgelwind” ging waaien, zo kwam er meer aandacht voor grondtonigheid en zangerigheid. Dat is bijvoorbeeld goed hoorbaar aan de fraaie en zangerige Prestant 8’ van het hoofdwerk.

Momenteel is het orgel in onderhoud bij de firma Slooff te Gouderak.

Dispositie Leeflang koororgel
Hoofdwerk (C-g’’’)
Borstwerk (C-g’’’)
Pedaal (C-f’)
Koppels
Prestant 8’
Holpijp 8’ Subbas 16’
Borstwerk – Hoofdwerk
Octaaf 4’
Blokfluit 4’
Prestant 8’ (transmissie Hoofdwerk)
Pedaal – Hoofdwerk
Mixtuur 5-6 st.
Blokfluit 4’
Octaaf 4’ (transmissie Hoofdwerk)
Pedaal – Borstwerk
Roerfluit 8’
Quint 2 2/3′
Trompet 8’
Fluit 4”
Terts 1 3/5′
Woudfluit 2’
Octaaf 1’
Regaal 8”
Tremulant
‘Partita 2 in C – Courante’JOHANN SEBASTIAN BACH (1685-1750)  

De Goudse organist Christaan Ingelse vult twee cd’s met muziek uit diverse stijlperioden.


Boyvin, Bach, Krebs, Franck, Brahms, Sweelinck, Mozart, Daquin, Böhm en Bruhns zijn de componisten die op vier orgels ten gehore worden gebracht. Daarnaast heeft Ingelse vijf orgelwerken van hemzelf opgenomen, vier koraalvoorspelen en zijn Passacaglia. Het booklet geeft informatie over de organist, de orgels en de gespeelde werken, en ook de registraties van de gespeelde werken.

Christiaan Ingelse bespeelt de vier orgels van de Goudse St. Janskerk; Stichting Goudse Sint-Jan; dubbel cd, VDG 20161025; € 15,00
Te bestellen via 
info@sintjan.com of in de museumwinkel van de Sint Jan.

Klop kistorgel

In 2015 werd er een door Henk Klop gebouwd kistorgel geplaatst in de Sint Jan.

De orgelbouwer
Sinds de jaren zestig van de vorige eeuw, in de tijd dat er een hernieuwde belangstelling ontstond voor de historische uitvoeringspraktijk van oude muziek, heeft Gerrit Klop zich, naast het bouwen van klavecimbels, ook toegelegd op de het bouwen van orgels met alleen houten pijpen. Deze visie van historische voorbeelden werd een groot succes en vanaf 1995 werd de bouw voortgezet door zijn zoon Henk.

Het orgel
Dit kistorgel is in de eerste plaats gebouwd om als continuo-instrument dienst te doen.

Het orgel is echter zeker ook geschikt om solo manualiter-orgelmuziek op te spelen of gebruikt te worden als solo instrument in combinatie met andere instrumenten of ensembles .

Het instrument kenmerkt zich door een fraaie draagkracht en zangerigheid.

Dispositie Klop kistorgel

Holpijp 8’  B/D

Roerfluit 4’  B/D

Nasard 2 2/3’ B/D

Fluit 2’  B/D

Terts 1 3/5’ D

‘Mein junges Leben hat ein End, 4e variatie’JAN PIETERSZOON SWEELINK (1562 – 1621)

De Goudse organist Christaan Ingelse vult twee cd’s met muziek uit diverse stijlperioden.


Boyvin, Bach, Krebs, Franck, Brahms, Sweelinck, Mozart, Daquin, Böhm en Bruhns zijn de componisten die op vier orgels ten gehore worden gebracht. Daarnaast heeft Ingelse vijf orgelwerken van hemzelf opgenomen, vier koraalvoorspelen en zijn Passacaglia. Het booklet geeft informatie over de organist, de orgels en de gespeelde werken, en ook de registraties van de gespeelde werken.

Christiaan Ingelse bespeelt de vier orgels van de Goudse St. Janskerk; Stichting Goudse Sint-Jan; dubbel cd, VDG 20161025; € 15,00
Te bestellen via 
info@sintjan.com of in de museumwinkel van de Sint Jan.

Mitterreither kabinetorgel

Sinds 2016 heeft de Sint Jan een Mitterreither kabinet orgel in bruikleen van de Stichting “de Wijk”. Voorheen stond het in de gehoorzaal van het Groene Hart Ziekenhuis.
Bijzonder is dat Mitterreither ook in 1770 restauraties heeft verricht aan het Moreau orgel en dat er dus nu ook een door hem gebouwd orgel in de kerk staat.

De orgelbouwer
Johannes Josephus Mitterreither (1733-1800) werd geboren in Oostenrijk uit een goed bekend staand orgelbouwers geslacht.
Later verhuisde Mitterreither als geschoolde vakman naar Nederland. Hij woonde eerst in Rotterdam en vanaf 1761 in Gouda en had hier zijn werkplaats. Later verhuisde hij naar Leiden.

Mitterreither behoorde tot de belangrijkste orgelmakers van de tweede helft van de achttiende eeuw. Hij had een hoge mate van vakmanschap, maar helaas is er ook van hem zeer veel werk verloren gegaan. Mitterreither bouwde in 1778 ook een orgel voor de Oud Katholieke Kerk in Gouda, helaas is ook van dit orgel alleen nog de kas bewaard waarin een nieuw binnenwerk geplaatst door Albertus Stangenberger in 1918.

Het orgel
Mitterreither bouwde dit kabinetorgel in 1779. In de ventielen kast vindt men nog zijn signatuur.
Het instrument is veelvuldig gewijzigd, zelfs tot een aangehangen pedaal toe. Het orgel heeft een laag liggende windlade met steker mechaniek. Mitterreither was waarschijnlijk de grondlegger van deze bouwmethode.
Het kabinet is een eikenhouten rococo meubel en uitzonderlijk breed, nl. 160 cm. Het heeft een driedelig front en houtsnijwerk. Kenmerkend is het labiumverloop van de frontpijpen: een horizontale lijn.
Voordat het in de Sint Jan werd geplaatst, werd het gerestaureerd door Slooff Orgelbouw.

De huidige dispositie is:

Holpijp 8’ B/D

Prestant 8’ D

Fluit 4’ B/D

Quint 3’ B/D

Prestant 2’ B

Octaaf 2’ D

‘Mitterreither-Sonatine – Moderato’CHRISTIAAN INGELSE (1948)

De Goudse organist Christaan Ingelse vult twee cd’s met muziek uit diverse stijlperioden.


Boyvin, Bach, Krebs, Franck, Brahms, Sweelinck, Mozart, Daquin, Böhm en Bruhns zijn de componisten die op vier orgels ten gehore worden gebracht. Daarnaast heeft Ingelse vijf orgelwerken van hemzelf opgenomen, vier koraalvoorspelen en zijn Passacaglia. Het booklet geeft informatie over de organist, de orgels en de gespeelde werken, en ook de registraties van de gespeelde werken.

Christiaan Ingelse bespeelt de vier orgels van de Goudse St. Janskerk; Stichting Goudse Sint-Jan; dubbel cd, VDG 20161025; € 15,00
Te bestellen via 
info@sintjan.com of in de museumwinkel van de Sint Jan.

Niehoff orgel

Het voormalige Niehoff orgel
Hendrick Niehoff (ca 1495-1560) was één van de belangrijkste orgelbouwers uit zijn tijd met invloed op de ontwikkeling van de orgelbouwcultuur in Nederland en Noord Duitsland.
Veel van zijn werk is helaas verloren gegaan, maar wat nog bewaard is, heeft grote historische waarde.
In 1557 bouwde Hendrick en zijn zoon Nicolaas Niehoff een orgel voor de Sint Jan voor 380 gulden en 200 pond Goudse kaas. Dit orgel bevond zich boven de noordelijke ingang.
De kas is gemaakt door Adriaan Schalke.

Het orgel werd in de loop van de tijd behoorlijk gewijzigd. Een paar ingrepen worden hier genoemd. In 1600 bouwde Dirck Pietersz de Swart een nieuw rugwerk met 5 registers. In 1687 werden er door Jacobus Cools nieuwe windladen geplaatst in het rugpositief en een uitbreiding met 5 stemmen. Bij de werkzaamheden in 1718 door Johannes Duyschot was er naast de dispositie wijziging ook een aanpassing aan de orgelkas met o.a. vergulden van de frontpijpen en snijwerk.

Het Niehoff orgel bleef nog in de Sint Jan tot dat het in 1744 werd verkocht aan de Evangelisch Lutherse kerk in Gouda. Ook toen werd het orgel weer fors aangepast, o.a. het zelfstandige pedaal verdween en werd aangehangen en aan de kas werden ook aanpassingen verricht i.v.m. de beschikbare ruimte.
Vanaf 1904 staat het orgel in de Parochiekerk in Abcoude. De kassen zijn geheel leeg, er is geen binnenwerk meer.

Translate »