| Kosterlijke ontdekking : glazenmaker |
|
|
|
Kosterlijke ontdekking : glazenmaker Tijdens een rondleiding werd er gewezen op een gebrandschilderde libelle en vlinder links en rechts onder in glas 10. Deze insecten gelden nog steeds als symbolen van de bevrijde ziel. Een toehoorder corrigeerde de gids, aangezien de libelle een ‘glazenmaker’ was. De rondleider grapte of mijnheer soms een glazenwasser bedoelde. De heer bleek zooloog te zijn en verklaarde dat de wetenschappelijke naam voor glazenmakers Aeshnidae was en dat ze te onderscheiden zijn van de grotere bronlibellen, de Cordulegastridae, doordat de ogen elkaar voor een groter deel raken. De Nederlandse naam is ooit gebaseerd op de gelijkenis met glazenmakers uit vroeger tijden. Wanneer zij ruiten repareerden, droegen zij soms het glas in een raamwerk van latten soms op de rug waardoor het wel vleugels van een libelle leken. Vervolgens betoogde hij dat het onmogelijk was om in de grijze glasverf - het zogenaamde grisaille - te determineren of het hier de bruine, blauwe of groene glazenmaker betreft. Deze laatste soort is trouwens strikt gebonden aan krabbenscheervegetaties waar de opgroeiplaats voor de larven is. Ook kwamen de ‘vroege, zuidelijke, noordse en de venglazenmaker’ nog even ter sprake. Bijzonder boeiend was de vermelding dat het mannetje van de zogenaamde ‘glassnijder’ opvallend behaard is op het borststuk. Vanaf mei kan men dit diertje zigzaggend over stilstaande wateren zien scheren. Scheren over het water lijkt op glas snijden en daarmee is ook die naam tegelijk verklaard. Tenslotte vroeg mijnheer zelf of er naast het glazenmakertje wellicht het wapen van de Rotary was geschilderd. Nee, dat is het wapen van de abt van het Norbertijnerklooster te Berne, een zekere Theodorus Spiering de Wel, die ooit het oorspronkelijke glas schonk. Het is eenvoudig te lezen in het cartouche links : 1559 Me debat Atistes Bernensis Wellius olim (-: This e-mail address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it |






