Nederlands (NL-BE)English (United Kingdom)
Goudseglazen in beeldSint Janskerk in Beeld Goudseglazen in beeld

Gebrandschilderd glas

Goudse Glazen

De gebrandschilderde glazen van de Sint-Janskerk staan bekend als de ?Goudse Glazen?. Vooral de glazen van de gebroeders Dirck en Wouter Crabeth, die in Gouda hun atelier hebben, behoren tot de topstukken van glazenierskunst uit de zestiende eeuw.
In Gouda is men al in de vijftiende eeuw vertrouwd met de glasschilderkunst, die is dan al toegepast in de Jeruzalemkapel, het stadhuis en de voorgangers van de Sint-Janskerk .Van de glazen die met de brand van 1552 verloren gingen, bezit de kerk nog de originele ontwerptekeningen met afbeeldingen van heiligen en de zeven sacramenten. Men is nog maar net met de herbouw van de kerk begonnen of de kerkmeesters - bijna altijd ook lid van de vroedschap - maken plannen om de kerk weer van gebrandschilderde glazen te voorzien. Volgens traditie gaat men op zoek naar sponsors. Die vindt men in Utrecht bij hoge geestelijken, maar ook adel en vorstendom laten zich niet onbetuigd. Koning Filips II, zijn halfzuster Margaretha van Parma, prins Willem van Oranje, de bisschop van Utrecht en andere hoge geestelijken en edelen schenken glazen aan de kerk. Naast de Crabeth?s vullen ook andere glazeniers de ramen met hun kunstwerken, die taferelen uit de bijbelse geschiedenis als onderwerp hebben.
 

Als in 1572 de kerk tijdelijk wordt gesloten in verband met ongeregeldheden die een gevolg zijn van de overgang van Gouda naar de Prins van Oranje staat het werk stil. Nadat er tussen 1590 en 1593 een lichtbeuk op het middenschip is gebouwd wordt de beglazing van de kerk voortgezet. Sponsors zijn de belangrijkste steden van Holland: Dordrecht, Haarlem, Rotterdam, Amsterdam, Leiden en Delft. Ook het Hoogheemraadschap van Rijnland, de Staten van Holland en die van het Noorderkwartier zijn vertegenwoordigd. De glazen bevatten nu niet alleen bijbelse, maar ook allegorische onderwerpen of gebeurtenissen uit de vaderlandse geschiedenis. De kerkbesturen zijn door de eeuwen heen steeds zeer zuinig geweest op dit kostbare kunstbezit. De conservering vindt plaats naar voorbeeld van het originele ontwerp. Dat is de reden dat de glazen, hoewel vaak gerestaureerd, er nog als nieuw uitzien. De kerkmeesters vragen steeds wanneer een glas is voltooid om het carton, bestaand uit lange stroken, aan hun af te staan. Soms krijgt de glasschilder er nieuw papier voor in de plaats, meestal wordt er voor betaald. De Sint-Janskerk is de enige kerk ter wereld die in het bezit is van alle ontwerptekeningen van haar glazen op ware grootte; al deze tekeningen in een vierkant gelegd meten 1159 m?. De glazen zijn al gauw een bezienswaardigheid, in 1681 verschijnt het eerste gidsboekje voor vroege ?toeristen?

Toen na de Reformatie Goudse kloosters een andere bestemming kregen of werden afgebroken, kwamen op bevel van het stadsbestuur zeven kleine glazen, afkomstig uit de kapel van het Regulierenconvent naar de Sint-Janskerk. Ze kregen een plaats in twee ramen in het koor, vanaf 1934 zijn ze te zien in een speciaal daarvoor gebouwde kapel achter de kerk. Behalve enkele glazen uit de twintigste eeuw bezit de kerk in Gouda 50 % van al het zestiende-eeuwse gebrandschilderde glas uit geheel Nederland.